februari 2007

Start
Omhoog
MUZIEKNACHT VEENDAM
Muzieknieuws
Vacature (muzikanten) Bank
STILL GOING WEST
Taneytown
Gina's band of blues
GERRY WOLTHOF
BLUES BOOSTER
Sister Act
Above The Rules
Muziek filmpjes
AGENDA
Night Of the Guitars
Singer Songwriters in Veendam
Bloes in Veendam
Roots in Veendam
Neats
Mark Dontje
Festivalnieuws
We waren er bij
BLUE PRINT
RadioGirl
Standing at the Crossroads
Solid Grounds
The Clifton Projekt
New Light
Onakentona
foto'sJanssen&Janssen
vakantie nieuws
ander nieuws
foto's evenementen 2
LINKS
Veendammer poparchief

 

Recensie 23-02-2007

Jeff Talmadge – “At Least That Much Was True” – CoraZong Records

Jeff Talamadge’s derde plaat voor CoraZong Records “At Least That Much Was True” is zijn beste tot nu toe. Opgenomen met coryfeeën uit de Austin en Nashville scene zoals Lloyd Maines, Chip Dolan, Bradley Kopp, David Webb, Rich Bowden, Leon Medica en John Gardner is “At Least That Much Was True” een ingetogen singersongwriter plaat geworden met prachtige melodieuze songs.

Het is evident dat er vergelijkingen worden gemaakt met de bekende Texaanse singersongwriters school, maar voormalig portier,advocaat, scout van baseball team, dichter en nu gevestigd singersongwriter Jeff Talmadge heeft zijn eigen weg in de grote muzikantenwereld gevonden.

Tien songs, waarvan één cover van Bob Dylan “Girl Of The North County” en één geschreven samen met Claudia Russell, “White Cross”. Verder nog een jazzy bonustrack “Chet Baker Street” die ik persoonlijk qua stijl minder passend vind op deze voor de rest uitstekende plaat.

Songs die er voor mij uitspringen zijn het melodieuze “Wrong Train”, “Austin When It Rains”, met een hoofdrol voor de pedal steel van Lloyd Maines en de ‘kleinere’ liedjes met de accordeon van Chip Dolan in de hoofdrol zoals “Train From Amsterdam” en “So The Blues Would Stay”. In “White Cross” is een mooie hoofdrol weggelegd voor de mondharmonika van Rich Brock. De andere songs doen hier weinig voor onder en dat betekent dat “At Least That Much Was True” één  van de betere singersongwriters platen van dit jaar is.

Jeff Talmadge zal op 23 maart optreden in Groot Café Janssen & Janssen tijdens een live uitzending van Blueprint.

Thomas Kaldijk


Recensie:16-02-2007

Rootsclub – “Rootsclub” – Rosa Records / SonicRendezvous

De Rootsclub is een Amsterdams muzikantencollectief dat voor het eerst bijeen kwam tijdens de maandelijkse Americana Nights in de befaamde Amsterdamse club Malou Melo.

De afzonderlijke leden hebben hun sporen verdiend in bands als Wilma’s, Lazy Sunday Dream, Jack Of Hearts, Raggende Manne en Tennessee Studs.

Op hun debuutplaat “Rootsclub” staan twaalf songs waaronder twee covers van Chris Knight en Huddie William Ledbetter.

Op deze ‘goodfeel’ plaat wordt eer betoond aan helden Rory Gallagher, Doug Sahm, Don Covay en The Rolling Stones; niet door klakkeloos een nummer te coveren, maar meer in de geest van deze voorbeelden nummers te componeren.

Ik had de eer, ter gelegeheid van de officiële presentatie van de cd een live optreden van de Rootsclub bij te wonen in de bovenzaal van Paradiso.

Een volgepropte, enthousiaste zaal werd getrakteerd op een optreden waar het speelplezier van afdroop.

Verwacht geen technische hoogstandjes of diepgaande teksten. Toch heeft men met Bert Boot en Dirk Portegies op gitaar en Roland van Beveren op pedal steel uitstekende instrumentalisten in de band en  zorgen bassist Rik van Doorn en drummer Louis ter Burg voor een stuwende rhythm section.

Mondharmonika speler René Windig en zanger / gitarist Harry Langeveld zorgen aan de zijflanken voor adequate bijdragen en is zanger, washboard speler Jan van Doorn als vocalist de centrale blikvanger.

“Rootsclub” is een lekkere americana plaat geworden van een band die een zaal helemaal op zijn kop kan zetten. Na The Dam de tweede zeer geslaagde Nederlandse productie op het eveneens Nederlandse kwaliteitslabel Rosa Records. Zo langzamerhand hét keurmerk van kwaliteitsmuziek.

Thomas Kaldijk


CD recensie 09-02-2007

Jennie Stearns – “Birds Fall” – www.jenniestearns.com

“Birds Fall” van Jennie Stearns is een prachtige melencholische folky rootsplaat geworden die tot nu toe in 2007 de standaard zet.

De zangeres uit Ithaca / New York wordt, heel origineel, vergeleken met Lucinda Williams en Gillian Welch, maar het zal niet lang meer duren of ze bevindt zich op hetzelfde niveau als deze koplopers in het damesgilde van de roots muziek.

Jennie Stearns nam “Birds Fall” op in de Rootball Studio in Austin, onder productionele leiding van Gurf Morlix.

Morlix kreeg de laatste jaren kritiek op zijn producties vanwege de wat matte, gelijkmatige producties maar op “Birds Fall” staat de kleurrijke muzikale omlijsting volledig in dienst van de prachtige verstilde nummers van Jennie Stearns.

Morlix schittert op gitaar en vulde tevens de bas -  wurlitzer en lap steel partijen in. De drums werden bediend door Rick Richards (Slaid Cleaves) en tevens werd de hulp van Jim Laudedale ingeroepen die in twee nummers Jennie Stearns op vocalen ondersteunt.

Stearns voelt zich aangetrokken om donkere ballads te schrijven en “Birds Fall” staat er vol van. De plaat is opgedragen aan haar in oktober overleden vader en de teksten hebben daardoor een emotionele diepgang gekregen.

“Birds Fall” is een groeiplaat die na meerdere draaibeurten pas op zijn waarde geschat wordt. Hoewel het pas februari is, zal deze plaat eind dit jaar in menig lijstje voorkomen.

Thomas Kaldijk


Recensie:02-02-2007

Bill Noonan Band – “Catawba City” -

De naam Bill Noonan kwam ik voor het eerst tegen als componist van het titelnummer van de laatste David Childers’ plaat “Burning In Hell”.

Bill Noonan was bandleider van The Rank Outsiders, een North Carolina roots band die het eind negentiger tot in de Amerikaanse hitlijsten wist te schoppen. Hun tweede cd “Checkpoint” kreeg veel positieve reacties en airplay. Na het uiteenvallen van de band stelde hij zijn schrijverstalenten ten dienste van mensen zoals Childers, Duane Jarvis en Michael Reno Harrell.

“Catawba City” is de debuutplaat van de Bill Noonan Band en de muziekstijl wordt door hem zelf omschreven als Carolina roots rock. Behalve Noonan maken nog twee ex Rank Outsiders deel uit van de band: steel / slide gitarist Bill Walpole en drummer Ray Mitchell vormen samen met nieuwe bassist de kern van de Bill Noonan Band.

De stijl ligt in het verlengde van dat van David Childers met dat verschil dat er meer traditionele country in de roots stijl van Bill Noonan vermengd is. Van de twaalf eigen songs zijn er drie te rangschikken onder roots rock waarin de slide van Bill Walpole de boventoon voert: “Breakin’ Even” / “She Was Mine” en “Redneck Pride”. De overige songs zijn te rangschikken onder de noemer melodieuze countryrock met de nadruk op het eerste. Goede composities, goed uitgevoerd en lekker in het gehoor liggend. David Childers schreef me de volgende mail toen hij hoorde dat ik deze cd ging recenseren:

 “I want you to know that Bill Noonan is a very hard working and dedicated musician. He deserves some attention and I hope you will give it to him. He has given much of himself over the years and is starting to light up some rooms around this area with his honky tonkin music”.

Dat hebben we bij deze gedaan.

www.billnoonanband.com

Thomas Kaldijk